Je kunt pindakaas nog zo lekker vinden, als je elke dag pindakaas eet is de lol er snel af. Maar als het je werk is om de obscuurste uiteinden van het schap te verkennen, hoe lekker en vernieuwend is de zoveelste koffie-kokos-variant of chili-lemongrass-creatie? En blijf je überhaupt overeind in tijden van overkill, terwijl je zelf bent opgegroeid in de tijd van ‘gewoon’ of ‘met stukjes’?
Nu willen we natuurlijk allemaal weten: hoe werkt dit mechanisme in het hoofd van dé reisjournalist van Nederland? Hoe kijkt Floortje Dessing naar haar eigen vertrouwde vakgebied, dat inmiddels nog onherkenbaarder veranderd is dan het pindakaasschap? Hoe synchroniseert zij haar eigen wereldbeeld met haar professionele leven? En vooral, hoe voelt als precies dat wat de hele wereld doet om te ontsnappen aan werk, je werk wordt?
